Luther leefde in een tijd waarin allerlei stemmen aanspraak maakten op gelijk. Theologen die elkaar tegenspraken. Predikers die elkaar veroordeelden. Geestdrijvers die beweerden directe openbaringen van God te krijgen. In zijn Tafelgesprekken laat hij zich vaker dan eens uit over hoe een gewone gelovige hierin koers kan houden. Niet door iedereen klakkeloos te geloven, en niet door alles te wantrouwen, maar door wat Paulus voorschrijft. Beproef alles, en behoud het goede.
Wat Luther voorstaat
Luther was geen man van blind vertrouwen, zelfs niet in religieuze leiders. Hij had zelf ondervonden dat een hele kerktraditie kon afdwalen. Maar hij was ook geen man van algemeen wantrouwen. Hij geloofde dat een gelovige ondersteund door de Schrift en de Geest kan onderscheiden. De toetssteen is steeds Christus. Een leer, een ervaring, een advies dat naar Christus toe wijst en hem groot maakt, is meer waard dan een dat zichzelf groot maakt. Een waarschuwing of bemoediging die strookt met wat het evangelie zegt, mag je serieus nemen. Wat afwijkt van Christus, vertrouw je niet, hoe spiritueel ook verpakt.
Houvast in een gesprek vol stemmen
Vandaag horen mensen nog meer stemmen dan in Luthers tijd. Sociale media, podcasts, boeken, prediking, conferenties. Niet alles wat aan een Bijbelvers wordt opgehangen, is van God. Wat doe je dan? Luthers raad blijft staan. Lees zelf de Schrift. Bid om wijsheid. Toets wat je hoort aan wie Christus is en wat hij heeft gezegd. En behoud wat goed is, geef de rest terug aan de stem die hem heeft afgeleverd. Een gelovige hoeft geen passieve consument te zijn van religieuze inhoud. Hij mag onderscheiden, omdat hij door de Geest is toegerust om dat te doen.
Ter overdenking
- Welke "stem" heb ik recent klakkeloos in mij opgenomen zonder te toetsen?
- Hoe wijst die stem naar Christus, en hoe juist niet?