Veel mensen zien heiligheid als iets voor gevorderden. Eerst geloven, dan een tijd lang ervaring opdoen, en pas later, als er nog tijd over is, denken aan heilig leven. J.C. Ryle wijst zijn lezers op een vers uit Hebreeën dat deze volgorde onderuithaalt. Streef naar heiliging, zegt de schrijver, want zonder die zal niemand de Heer zien. Ryle herhaalt dit graag, niet om angst te zaaien, maar om duidelijk te maken dat heiliging geen versiering op het geloof is. Het hoort bij het wezen ervan.
Wat heiliging wel en niet is
Ryle waarschuwt voor twee misverstanden. Heiliging is niet hetzelfde als perfectie. Niemand wordt in dit leven helemaal vrij van zonde, en wie dat beweert, kent zichzelf niet. Maar heiliging is ook niet ongeveer wat de wereld goed gedrag noemt. Het is meer dan beleefd zijn en hulpvaardig overkomen. Heiliging, schrijft Ryle, is een verandering die heel je leven raakt. Wat je liefhebt, wat je verafschuwt, wat je nastreeft, waar je aan denkt voor je slaapt. Niet kosmetisch, maar tot in de wortels.
Niet alleen, wel echt
Tegelijk benadrukt Ryle dat heiliging niet jouw productie is. Het is een werk van de Heilige Geest in je. Maar het is een werk waarin je betrokken bent. Je bidt, je waakt, je weerstaat, je oefent. Niet omdat het je behoud verdient, maar omdat een levend geloof zich niet laat verbergen. Een hart dat door God is aangeraakt, gaat anders leven. Niet meteen anders dan iedereen, maar wel anders dan vroeger. Wie hier geen enkel verschil merkt na jaren van zogenaamd geloof, mag de vraag stellen of het geloof in hem werkelijk leeft.
Ter overdenking
- Op welk gebied is mijn leven veranderd sinds ik geloof?
- Welke kleine stap in heiliging wil ik deze week zetten?