Gekend zijn

Psalm 139:1 · NBV21
Hij doorgrondt mij, u kent mij.
Auteur Matthew Henry
Dag 6 augustus
Lezen Begin de overdenking

Iedereen wil graag werkelijk gekend worden, en tegelijk is iedereen daar bang voor. Wat als iemand mij ziet zoals ik echt ben? Zou hij dan blijven? Psalm 139 begint met een woord dat de psalmist niet ontwijkt, hij omarmt het. U doorgrondt mij, u kent mij. Matthew Henry merkt op dat David deze woorden niet met angst zegt, maar met bewondering. Hij ervaart dat gekend worden door God niet bedreigend is, maar bevrijdend.

Helemaal gezien

Henry overloopt wat David in de volgende verzen opnoemt. God weet wanneer ik zit en wanneer ik opsta. Hij doorziet mijn gedachten van verre. Hij is vertrouwd met al mijn wegen. Dit is volkomen kennis. Niets is verborgen. Voor sommige mensen is dat eng. Maar Henry zegt: dit is precies wat een mens nodig heeft. We zijn allemaal opgegroeid met deeltjes te zien gekregen. Iemand heeft je halve verhaal gehoord en al een mening klaar. God heeft het hele verhaal, en hij houdt nog steeds van je.

En toch geliefd

Het wonder van deze psalm is dat David eindigt waar hij begon. Doorgrond mij, God, en ken mijn hart, peil mij, weet wat mij kwelt. Hij vraagt om nog meer doorgronding. Dat kan alleen iemand die zeker weet: het kennen is hier geen oordeel, het is liefde. Henry zegt: dit moet onze houding zijn. Niet bang dat God te veel ziet, maar dankbaar dat hij alles ziet en dat zijn liefde niet wankelt. Wie zo durft te leven, mag heel zijn voor de enige die hem helemaal kan dragen.

Ter overdenking

  • Welk deel van mij probeer ik nog steeds voor God te verstoppen, alsof hij het niet ziet?
  • Hoe verandert mijn dag als ik leef vanuit het feit dat ik helemaal gekend en bemind ben?
Heer, u kent mij helemaal en houdt nog steeds van mij, dank dat ik mag bestaan voor u. Amen.
Bron

Commentary on the Whole Bible, bij Psalm 139