Geen ruimte voor lof

Matteüs 5:3 · NBV21
Zalig wie nederig van hart zijn, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.
Dag 21 juli
Lezen Begin de overdenking

Iedereen kent het verschil. Een groot compliment van iemand die het meent, voelt anders dan applaus van een onbekende. Het eerste raakt je, het tweede gaat voorbij. Thomas a Kempis ziet dit ook bij geestelijke complimenten. Mensen zeggen iets aardigs over je gebedsleven, je bijbelkennis, je hulpvaardigheid. Voor je het weet ga je leven van die complimenten. Dat is gevaarlijk, zegt Thomas, niet vanwege de woorden zelf, maar vanwege wat het met je hart doet.

Lof maakt je niet beter

Thomas is nuchter. Wat anderen over je zeggen, maakt je niet beter of slechter. God kent je zoals je werkelijk bent, niet zoals jouw reputatie je presenteert. Een mens kan met veel mooie woorden geprezen worden en innerlijk leeg zijn. Een ander kan in stilte verzuren en innerlijk diep met God leven. Daarom waarschuwt Thomas: laat je niet voeden door lof, want je voedt jezelf met lucht. Voed jezelf met de waarheid van wie God van jou zegt dat je bent. Daar staat veel meer. Thomas had in zijn klooster gezien hoe mannen die in het klein in stilte trouw waren, soms onverwacht roem kregen, en hoe snel dat hen kon doen wankelen. Hij raadde aan om innerlijk altijd weer terug te keren naar het verborgen leven met God, ook als de buitenkant ineens publiek werd. Want anders dan op de buitenkant, blijft de werkelijke kern van een mens dezelfde, en daar werkt God.

Niet bang voor kritiek

Hetzelfde geldt aan de andere kant. Als anderen ongunstig over je spreken, en je hart blijft toch op God gericht, kan zulk gepraat je niet schaden. Eer en oneer zijn dingen die mensen elkaar geven en weer afnemen. Wat blijft is wat God van jou ziet en in jou werkt. Wie dit leert, wordt vrij. Hij hoeft niet meer te wachten op bevestiging om door te gaan, en hij hoeft niet meer te schrikken van afwijzing. Vraag dus naar Gods oordeel, zegt Thomas. Dat is het enige oordeel dat eeuwig staat. Een mens die hier geleerd heeft te leven voor één publiek, ervaart een soort innerlijke vrijheid die door geen aardse omstandigheid wordt aangetast.

Ter overdenking

  • Hoeveel kracht haal ik uit complimenten van anderen?
  • Welk woord van God over mij wil ik vandaag boven mensenmeningen plaatsen?
Heer, leer mij niet leven van lof of kritiek, maar van wat U over mij zegt. Amen.
Bron

De navolging van Christus, boek 2 hoofdstuk 6