Iedereen probeert vroeg of laat een moeilijkheid te vermijden. Een ruzie ontwijken, een lastig gesprek uitstellen, een verantwoordelijkheid afschuiven. Soms werkt het kort, soms helemaal niet, en meestal komt het ergens anders harder terug. Thomas a Kempis ziet dit ook met het kruis dat een christen te dragen krijgt. Velen willen het hemelse koninkrijk wel, schrijft hij, maar weinigen willen het kruis. Iedereen wil zich met Christus verheugen, niemand wil iets om hem verduren. En toch is dit deel van het navolgen.
Het kruis is overal
Welke kant je ook opgaat, schrijft Thomas, overal kom je het kruis tegen. Niet omdat het leven slecht is, maar omdat we hier nooit helemaal vrij zijn van moeite. Soms komt het van buiten, soms van binnen. Wie het kruis ontvlucht, vindt op de andere weg een zwaarder kruis. Wie het draagt om Christus' wil, ontdekt dat zijn juk werkelijk zacht wordt. Dat klinkt tegenstrijdig, en het is het ook. Maar wie het probeert, ontdekt het.
Niet de last, maar wie je helpt
Het geheim ligt niet in het kruis zelf, zegt Thomas, maar in de Heer die het mee draagt. Een kruis dat je alleen draagt, weegt loodzwaar. Een kruis dat je deelt met Christus, weegt anders. Niet omdat de pijn weg is, maar omdat de betekenis verandert. Wat zonder hem zinloos is, wordt met hem leerschool. Daarom roept hij niet op om weg te lopen, maar om dichterbij te komen. Neem mijn juk op je en leer van mij. Geen extra last, maar een uitnodiging tot rust.
Ter overdenking
- Welk kruis probeer ik te ontwijken, terwijl God het juist gebruiken wil?
- Hoe verandert mijn dag als ik mijn last met hem draag in plaats van alleen?