Soms hoor je in de kerk een lied dat je niet kunt meezingen, omdat je hart er op dat moment niet bij is. Augustinus heeft daar iets bijzonders over gezegd. Zing maar gewoon, zegt hij. Het lied gaat voor het gevoel uit, en sleept het uiteindelijk mee. Zingen voor de Heer is volgens hem geen versiering bij het geloof. Het is een manier om je hart op te tillen wanneer het zwaar is.
Een nieuw lied
Wat bedoelt de psalmist met een nieuw lied? Augustinus zegt: een nieuw lied past bij een nieuw mens. De oude mens zingt over zichzelf, over zijn ellende, over zijn afgoden. Iemand die door Christus is vernieuwd, zingt over een ander. Het hoeft niet letterlijk een onbekende melodie te zijn. Het is dat je dingen die je al duizend keer zong, opnieuw meent. Met je hart, niet alleen met je mond. Zing zoals reizigers zingen, voegt hij toe. Om de weg lichter te maken. Maar blijf wel lopen.
Lofzang in de nacht
Wie God prijst, leert leven. Want lof brengt je hart in lijn met wie God werkelijk is. Zorg maakt God klein en mij groot. Lofzang doet het omgekeerde. Daarom zingen de psalmen ook in de nacht. Ze zijn niet bedoeld voor wie het al goed gaat. Ze zijn bedoeld voor wie zich naar boven moet werken. Daarom mag je zingen, ook als je het niet voelt. Het is niet onecht. Het is geloof dat alvast vooruitloopt op wat je gaat ervaren.
Ter overdenking
- Wanneer was de laatste keer dat ik werkelijk gezongen heb voor God?
- Welk oud lied in mijn hart mag plaatsmaken voor een nieuw lied?