Wanneer een kind van zijn vader houdt, doet het dat niet uit plicht. Het houdt van hem omdat het zelf eerst is liefgehad. Dat is precies wat Bernard van Clairvaux wil laten zien. Hij opent zijn boek met de vraag waarom God liefgehad moet worden. Zijn antwoord is verrassend kort. Omdat Hij het is die ons het eerst heeft liefgehad. Onze liefde is niet de eerste stap. Zij is altijd al een antwoord.
Niets is van mij begonnen
Bernard wijst voortdurend op de volgorde. Wij gingen niet op pad om God lief te krijgen. Hij kwam ons opzoeken toen wij Hem nog niet zochten. Het kleinste vonkje liefde in mijn hart komt uit Zijn vuur. Daarom is het belachelijk te denken dat ik Hem iets schenk als ik Hem liefheb. Ik geef Hem terug wat Hij mij gegeven heeft. En zelfs dat lukt alleen door Zijn kracht. Wie dit beseft, voelt geen druk meer, alleen verwondering. Bernard schreef Over de liefde tot God op verzoek van een bekende kerkleider die hem had gevraagd: waarom en hoe moet God liefgehad worden? Bernard begint zijn antwoord niet met regels of voorschriften, maar met dit eenvoudige feit. Eerst kwam Hij. Heel het denken over hoe wij Hem moeten liefhebben staat onder die paraplu.
Liefhebben zonder grens
Wat is de juiste maat van onze liefde voor God, vraagt Bernard. Hij antwoordt: zonder maat. Niet zorgvuldig afgewogen, niet beperkt tot zondag, niet wat we kunnen missen. Want Hij gaf zichzelf aan ons zonder maat. Aan het kruis hield Hij niets terug. Wie dat ziet, leert dat geen liefde voor zo iemand te groot kan zijn. En hoe meer je Hem leert kennen, hoe groter je liefde voor Hem wordt. Het is geen prestatie. Het is een groeiend antwoord. Bernard ziet liefde tot God daarom niet als iets wat je af en toe oppakt, maar als de richting van een heel leven. Een rivier die niet uit zichzelf stroomt, maar opgewekt wordt door de bron en zo zijn weg gaat naar de zee.
Ter overdenking
- Erken ik dat zelfs mijn liefde voor God een geschenk van Hem is?
- Waar in mijn liefhebben heb ik onbewust een maat gezet?